5 Praktische De Inktaap-tips
We hebben veel opgestoken tijdens de lesbezoeken, lees hier onze 5 praktische De Inktaap-tips:
1. Passages voorlezen
Heeft niet iedereen bijgelezen? Lees zinnen of korte passages voor in de les. Dit betrekt iedereen bij het verhaal. Ook heel effectief: vraag leerlingen voor De Inktaap-sessie om stellingen te bedenken of opvallende passages uit te kiezen. Dit werkt goed als inspiratie voor een klassikaal gesprek.
2. Mindmap
Maak samen met de groep een mindmap met trefwoorden rondom een focuspunt naar keuze: schrijfstijl, vertelstructuur, personages, leeservaring en associaties.
3. Meningen vooraf en achteraf
Laat leerlingen voor de boekbespreking hun meningen en leeservaring opschrijven. Behandel deze aan het einde van de bespreking en vergelijk hun indrukken voor en na het gesprek.
4. Werk in twee- of drietallen
Heb je een grotere groep? Splits leerlingen tussentijds op in setjes van 2 of 3 om onderling aan de slag te gaan met de leesvragen. Kom weer bij elkaar en vraag naar hun bevindingen. Voor veel leerlingen is het minder intimiderend om je mening in een kleine groep te delen.
5. Gebruik de LitLab vragen
Print de LitLab-vragen uit, of laat ze op een groot scherm zien.